Verboden te roken
Kijk jij of de conducteur er niet aankomt. Mijn broer Hans haalt uit zijn broekzak een kleine schroevendraaier. Haastig begint hij het bordje ''verboden te roken'' bevestigd onder het raam los te schroeven.
Het is 3 oktober 1959, ik ben zeven jaar, broer Hans zes jaar ouder. Met pa en ma, niet op het balkon zoals wij, zitten we in de blauwe tram. Vanuit Noordwijk zijn we op weg naar Leiden, naar de drie oktober. Nog een paar maanden en de blauwe tram rijdt zijn laatste rit. Broer Hans zit op de ambachtschool aan de Haagweg. Elke dag, weekkaart op zak, reist hij met de tram op en neer naar Leiden. Het aandenken aan die blauwe tram wordt op dit moment losgeschroefd. Met kloppend hart kijk ik naar de deur waardoor een minuut of wat geleden de conducteur verdween. Zie ik al wat verschijnen door het ruitje? Plotseling geluid, de deur aan de andere kant van het balkon gaat open. Daar staat levensgroot in zijn strenge uniform: de conducteur, de tweede. De tram is zo bomvol dat er deze keer niet een maar twee conducteurs op de tram controleren.
''Zo jongeman wat doe jij daar''
De conducteur eet ons niet op maar neemt wel, bij wijze van straf, Hans' weekkaart af waarmee hij nog de hele week naar Leiden moet reizen. Niets tegen pa en ma zeggen sist Hans nog terwijl we uitstappen.
We hebben een leuke middag: degenslikkers, vuurvreters, goochelaar met muizen,boksers, de kermis. Pa trekt zijn portemonnee. Aan het eind van de middag weer naar huis. Bij de tramhalte komt het hoge woord eruit. Pa ontploft.

J vd Berg, Noordwijk
Reacties: