Chief Whip, dat engelse sigarettenmerk... Het bracht bij mij (geboren in 1946) herinneringen naar boven aan mijn lagere schooltijd. Een school in Den Haag,een klooster er naast.Een school gebouwd van rode bakstenen,rondom een speelplaats. Via twee stenen poorten,die tegenover elkaar lagen,kwam je het schoolplein op.
Middenop het binnenplein was een ronde bakstenen verhoging. We noemden dat 'de kaas'. Heel handig voor de klassefoto's, maar ook te gebruiken bij allerlei splelletjes. Om het echte speelpleingedeelte heen rondom een bakstenen muurtje, ik denk zo'n meter hoog. Naar de hoeken trapsgewijs wat hoger en op de hoeken het hoogste punt van misschien een meter bij een meter breed. Ook erg leuk te gebruiken.
Tussen de schoolgebouwen met de toegangsdeuren en het muurtje om de speelplaats liep dan nog een soort 'rondweg'. Daar waren ook de ingebouwde knikkerpotjes voor in de de knikkertijd te vinden. Met hun hiel in het potje hielden fanatieke knikkeraars die dan bezet,tot ze een knikkermaatje met voldoende knikkers in z'n knikkerzak hadden gevonden.
Voor alles was er een tijd.Toltijd, met twee soorten tollen. En springtijd, alleen of met meerderen. Soms met een enorm touw en lange rijen kinderen in hoog tempo. Dat was niet voor dralertjes. Net zoiets in de winter met een heel lange glijbaan. Kinderen die niet zo zeker van zichzelf waren,gleden dan maar liever op een kort glijbaantje.Dan waren de valpartijen toch wat minder heftig.
Zo was er ook af en toe kaarttijd. Niet met gewone kaarten,maar met sigarettenmerken. Daar moest je dan wel eerst aan zien te komen natuurlijk. Schooieren bij rokers - er waren er toen nog genoeg - maar ook zoeken naar weggegooide doosjes op straat. En onderling ruilen, want vooral niet zulke gangbare merken waren belangrijk.
Het waren dus doosjes in die tijd, en elke kant knipte je in twee stukken. Vier kaarten had je dan. Het zilverpapier binnenin was natuurlijk voor de missie. Tegenover elkaar zaten de kinderen dan op de muurtjes, met aan elke kant een been. Alle muurtjes bezet, alle knikkerpotjes vrij.
En dan kaarten,met het stapeltje sigarettenkaarten omgekeerd in je hand. Om de beurt een kaart met het plaatje naar boven, op het stapeltje in het midden neerleggen. Wanneer er twee dezelfde kaarten op elkaar kwamen,dan mocht de laatste het stapeltje pakken.Hoe meer zeldzame kaarten,hoe dikker de stapeltjes en hoe meer publiek er omheen. Wanneer de schoolbel ging, het spel nog niet klaar was en het stapeltje hoog, dan had je een probleem.